Joods-Christelijke Dialoog

Spreuken 09: 1-6

Zondag 5 november 2017

Leef en betreed de weg van inzicht!

door Dineke Houtman

Spreuken 9:1-6
1 Wijsheid heeft haar huis gebouwd,
zeven zuilen heeft ze uitgekapt.
2 Ze heeft haar vee geslacht, haar wijn gemengd,
haar tafel heeft ze gedekt.
3 Haar dienaressen heeft ze de stad in gestuurd,
zelf roept zij vanaf de hoogste plaats:
4 “Onnozele mensen, kom toch deze kant op.”
Wie geen verstand heeft roept ze toe:
5 “Kom, eet het brood dat ik je geef,
drink de wijn die ik heb gemengd.
6 Wees niet langer zo onnozel,
leef, en betreed de weg van het inzicht.”

Het Bijbelboek Spreuken is een buitenbeentje in de canon. Het bevat vrij algemene wijsheidsspreuken, die de mens oproepen tot een ethisch verantwoord leven. De mens staat als individu in directe relatie tot God, en er wordt geen beroep gedaan op bijvoorbeeld de Tempeldienst of op een Messias als verlosser of middelaar. De mens wordt beoordeeld op zijn gedrag. Er lijkt geen sprake te zijn van een beloning of straf in het hiernamaals, het gaat om dit aardse leven. Kenmerkend voor veel van de Spreuken is de gepersonifieerde wijsheid. Deze Wijsheid, Chochma, wordt bijvoorbeeld in hoofdstuk acht afgeschilderd als lerares, profetes, en richteres. Ze is geschapen voor de wereld geschapen werd, ze is de geliefde van God en haar leer is de weg ten leven. Het deuterocanonieke wijsheidsboek van Jezus Sirach uit de tweede eeuw voor Christus sluit hierbij aan en laat bovendien in hoofdstuk 24 de Wijsheid haar tenten opslaan bij het volk Israël en stelt haar daarmee gelijk aan de wet van Mozes, de Tora. Dit zet de toon voor de manier waarop in de joodse traditie de Wijsheid wordt geïnterpreteerd.

Schepping van de wereld

Spreuken 9:1 wordt door Rasji geïnterpreteerd als de schepping van de wereld: Met wijsheid heeft de Heilige - Gezegend zij Hij – de wereld gebouwd in zeven scheppingsdagen.

In Spreuken 8:22 staat over de Wijsheid dat de Heer haar heeft verworven resjit darko, d.w.z. “het begin / de eerste van zijn weg”. De Wijsheid, oftewel de Tora, is verworven als de eersteling van Gods weg met de wereld. De eerste woorden van Genesis kunnen daardoor dan geïnterpreteerd worden als “door middel van Wijsheid/de Tora schiep God de hemel en de aarde”. De Tora wordt in deze teksten dan ook vaak vergeleken met de blauwdruk van een architect. Wijsheid/de Tora is het scheppingsinstrument: zonder de haar is niets ontstaan van wat bestaat. Resjit, Wijsheid, oftewel Tora, assisteerde God bij zijn scheppingswerk. Dit idee wordt ook gebruikt in de Fragmenten Targoem van Genesis 1:1 die dit vers vertaalt als “Door Wijsheid schiep God en voltooide Hij de hemel en de aarde.”

Voedsel voor de ziel

Het brood en de wijn brengen Jesaja 5:1-2 in gedachten waar de Heer zelf zijn volk nodigt tot een gratis feestmaal. In het Nieuwe Testament is het Jezus die het ware voedsel verschaft, bijv. Johannes 6:35 “Ik ben het brood dat leven geeft, wie bij mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in mij geloofd zal nooit meer dorst hebben.”

Het is duidelijk dat het voedsel en de wijn in deze Spreuken-tekst, evenals elders in de Bijbel, metaforen zijn voor geestelijk voedsel om tot wijsheid en inzicht te komen. De onnozelen worden opgeroepen om de weg van het inzicht te betreden. Het woord dat hier in het Hebreeuws voor betreden wordt gebruikt (אשרו), wordt door Rasji in verband gebracht met Job 23:1, waar staat “ik ben in Zijn spoor getreden”. Job, dat is de rechtschapen en onberispelijke man die ontzag had voor God en het kwaad meed (Job 1:1).

Deze tekst roept mensen op om zich te laven aan de bron van wijsheid en inzicht, of die nu God, Wijsheid, Tora, of Jezus wordt genoemd.

Toelichting

Hieronder toelichtingen op de zondagslezingen voor de komende 4 weken.