Joods-Christelijke Dialoog

Petrus 1, 02: 21b-25 - Reinier Gosker

Zondag 7 mei 2017
Zondag 3 mei 2020


Verdraag uw lijden
door Reinier Gosker

Op de zondagen na Pasen zetten de kerkelijke leesroosters ons aan om te verwoorden wie de Opgestane is, – zie mijn eerdere bijdragen over 1 Petrus. In het leesrooster voor deze vierde Paaszondag (Jubilate) wordt de Opgestane getypeerd als 'de deur van een schaapskooi'. De evangelist laat Jezus zeggen: 'Ik ben de deur: wanneer iemand door mij binnenkomt zal hij worden gered; hij zal in en uit lopen en weidegrond vinden' (Johannes 10,9). Deze gelijkenis van de Opgestane wordt in het leesrooster geflankeerd door Nehemia 9,6-15 en door 1 Petrus 2,19-25.

Nehemia 9,6-15 maakt deel uit van een vertelling (8,1 t/m 12,26) over de nieuwe start van een Joodse geloofsgemeenschap die zojuist uit ballingschap naar Jeruzalem is teruggekeerd. Die start heeft de vorm van een Vernieuwing van het Verbond. Ter inleiding daarvan worden de weldaden van de Eeuwige (de perikoop voor vandaag: 9,6-15) afgezet tegen de wandaden van het volk. Na deze schuldbelijdenis (9,16-37) neemt de geloofsgemeenschap een serie verplichtingen op zich (10,29-40), eindigend met de woorden: 'Nooit zullen wij de tempel van onze God verwaarlozen'.

1 Petrus 2,19-25 wordt de nieuwe geloofsgemeenschap (1 Petrus richt zich tot gelovigen uit de volkeren) aangespoord om 'te gaan in de voetsporen' van haar Heer (zie vers 21). Bedenk dat deze 'Heer' de Jood Jezus is, die in het evangelie door Johannes getypeerd wordt als de 'deur door wie wij gered worden, in en uit lopen en weidegrond vinden'.

Een parallel tussen Nehemia en 1 Petrus?
In Nehemia worden de 'weldaden van de Eeuwige' en de 'wandaden van het volk' tegenover elkaar gezet om des te sterker te pleiten op Gods genade en op basis daarvan te komen tot een nieuwe geloofspraktijk. Precies zo maakt 1 Petrus 2,21-25 (in mijn Griekse NT afgedrukt als poëzie) gebruik van een viertal citaten uit Jesaja 53 om de 'weldaden van Çhristus' af te zetten tegen 'onze wandaden', en op basis van 'deze vrolijke ruil' (Luther) te komen tot een nieuwe geloofspraktijk. De nieuwe geloofspraktijk is het gaan in de voetsporen van Jezus, en dat betekent dus: 'verdraag wat je moet lijden voor je goede daden, dat is je roeping' (vers
20b en 21a)!

De naam van Zondag Jubilate is ontleend aan de eerste woorden van de Introïtus (Psalm 66): Jubilate Deo, omnis terra! Een loflied na tijden van beproeving (vers 1-12), gevolgd door een danklied van een individu (vers 13-20). Prachtig om de dienst mee te beginnen!

Zondag Jubilate – 7 mei 2107:
Nehemia 9,6-15 – Vernieuwd verbond
Psalm 23 – De Eeuwige is mijn herder
1 Petrus 2,21b-25 – Verdraag uw lijden
Johannes 10,1-10 – Goede herder
Parasjot (6 mei): Acharé Mot/Kedosjiem – Leviticus 16,1-18,30 en Leviticus 19,1-20,27 
Haftarot bij Acharé Mot en Kidosjiem: – Ezechiël 22,1-19 en Amos 9,7-15

De twee Sjabbatlezingen van gisteren (6 mei) gaan over Grote Verzoendag en de daarop volgende heiliging van het dagelijks leven, waartoe de vernieuwde geloofsgemeenschap wordt opgeroepen. Als 'wetslezing' kunnen heel goed fragmenten uit Leviticus 19 gelezen worden.

Krediet i.p.v. genade – waarschuwing bij 1 Petrus 2,19-21
Anders dan de Naardense Bijbel, de Statenvertaling, het NBG en de NBV zou ik de drie eerste woorden van vers 19 (touto gar charis) niet willen vertalen met: 'Want dat is (een blijk) van genade'. Liever volg ik de New Revised Standard Version of the Bible (NRSV): 'For it is a credit to you ...'. Voor de slotwoorden van vers 20 (τοῦτο χάρις παρὰ θεῷ) geldt iets dergelijks. In plaats van 'Dat is (een blijk) van genade bij God' vertaalt de NRSV-Bible: '... you have God's approval'. Kortom, lijden om de goede zaak geeft je krediet bij God