Joods-Christelijke Dialoog

Genesis 09, 8 – 17

Zondag 18 februari 2018

Over betekenissen van het verbond met Noach

door Afke Maas-Smilde

Op de eerste zondag van de veertigdagentijd staat er een tekst op het leesrooster die ons helpt bij onze bezinning in deze bijzondere periode van het kerkelijk jaar. Veertig dagen om ons leven te herijken, om de verbinding te vernieuwen met God, onze medemensen en de schepping.

In Genesis 9: 8 - 11 sluit God een verbond met Noach en zijn zonen. Bijzonder is het dat het verbond niet alleen de mensen geldt, Noach en zijn nageslacht, maar dat in vers 10 nadrukkelijk ook alle diersoorten genoemd worden die met Noach in de ark gered zijn en met hem de ark verlaten hebben, kortom alle levende dieren die er voortaan op de aarde zullen zijn. Het verbond houdt in dat niet nogmaals al deze levende wezens, mensen en dieren, door een vloed zullen worden weggevaagd van de aarde.
De eerste woorden die God bij het sluiten van het verbond spreekt, zijn, letterlijk vertaald (Genesis 9: 9): “En ik, zie ik richt mijn verbond op …” De vraag is waarom hier zo nadrukkelijk staat: “En ik, zie ik….?
Bij de joodse commentatoren vinden we verschillende verklaringen. Ik geef er drie weer.

Radak (1160-1235, Frankrijk): Het woordje ‘en’ slaat terug op wat er eerder is gezegd (in vers 7): “en jullie, weest vruchtbaar en wordt velen..” D.w.z.: “Jullie moeten je bezig houden met de opbouw van de wereld en ook ik, ik zal deze (d.w.z. de wereld) oprichten, zodat de opgebouwde wereld niet meer vernietigd zal worden.”
Noach en zijn nakomelingen hebben een eigen opdracht gekregen, namelijk vruchtbaar zijn en velen worden. In een verbond zijn er twee partijen met elk een eigen taak. God neemt vervolgens zijn eigen taak op zich. Zo staan Noach en de zijnen er niet alleen voor en weten zich gesteund door het opbouwende werk van God.

Sforno (ca. 1470- ca.1550, Italië) geeft een andere verklaring:
“En ik, zie ik richt mijn verbond op om de aarde niet meer te vernietigen op voorwaarde dat jullie geen onschuldig bloed vergieten. Maar als jullie onschuldig bloed vergieten, zal de aarde vernietigd worden. … Echter, voor andere overtredingen zal de zondaar gestraft worden, maar de aarde zal niet vernietigd worden.”
Sforno verbindt het gedeelte over het verbond met wat direct aan de verbondssluiting voorafgaat, namelijk het verbod op bloed vergieten. Hij ziet het overtreden van dat gebod als de (enige) aanwezige mogelijkheid waardoor de aarde opnieuw vernietigd zal worden. Volgens Sforno is daarmee het verbond niet onvoorwaardelijk. Er is zeker een mogelijkheid dat de aarde opnieuw vernietigd gaat worden. Maar dan is het de mens die de wereld zelf naar de vernieling helpt door bloed vergieten. Het biedt ons zicht op hoe vernietigend bloedvergieten is.

Rasji (1040-1105, Frankrijk) komt met de volgende interpretatie: “[ En God zei tegen Noach:] ‘En ik…Ik ben het met je eens.’ Want Noach was bang om bezig te zijn met [de opdracht] ‘weest vruchtbaar en wordt velen’, vóórdat de Heilige-gezegend-zij-Hij hem beloofd had dat Hij de wereld niet meer zou vernietigen; en dus beloofde Hij het hem.”
Een heel menselijke voorstelling van de situatie waarin Noach zich bevindt: Noach is bang om Gods opdracht te gaan vervullen in een wereld die woest en ledig aan zijn voeten ligt. Het verbond geeft hem de nodige ondersteuning: de aarde zal niet opnieuw vernietigd worden en daarmee het werk van Noach en zijn nakomelingen. Anders zouden zij kunnen denken dat het geen zin heeft om te leven volgens Gods opdracht, omdat de wereld toch weer naar de knoppen gaat buiten hun schuld om.

Zo geven alle drie commentatoren een waardevolle verklaring van de aanhef van Gods spreken over het verbond. Verklaringen die ook voor ons mensen in de huidige wereld het overdenken waard zijn.

In Genesis 9: 12 – 17 wordt gesproken over het teken van het verbond. Dat is ‘de boog in de wolken’ oftewel de regenboog. Deze regenboog is het voor velen bekende teken van het verbond van God met Noach, zijn nakomelingen en alle levende wezens op aarde. De vraag kan opkomen waarom nu juist deze boog teken van het verbond is geworden. Ook hier geven joodse commentatoren weer verschillende verklaringen.
Hirsch (1808-1888, Duitsland) somt in zijn commentaar op Genesis 9: 15 een aantal van hun uitleggingen op waarom God de regenboog koos als teken van het verbond waardoor de aarde nooit meer door een Grote Vloed weggevaagd zou worden.
“Het teken en de betekenis ervan is duidelijk; daarover kan geen twijfel bestaan. Blijft over om na te denken over het verband tussen het teken en de betekenis ervan. Men heeft dat op verschillende manieren geprobeerd: [1] Het teken is een omgekeerd projectiel. Een met de pees naar de aarde gekeerde boog, daarmee een teken van vrede: geen pijl meer van de hemel. – [2] Hij verschijnt als een boog die hemel en aarde verbindt, daarmee als band tussen hemel en aarde. – [3] Het verschijnsel zelf is uit licht en water geweven. Midden in de wolken die leven en dood schenken, kondigt zich de aanwezigheid van het licht aan en daarmee de herinnering dat midden in het toornende noodlot toch nog de genade van behoud aanwezig is.”

Opnieuw drie verklaringen die tot overdenken uitnodigen en meer nog: heel geschikt zijn voor het gesprek met anderen in een leerhuis-setting. Daar moet in de veertigdagentijd toch tijd voor te vinden zijn. Zeker als we vasten in de veertigdagentijd op deze nieuwe manier opvatten: doen waar je anders niet aan toekomt en nalaten wat je anders niet los kunt laten. Zo creëren we ruimte van leven.

Afke Maas-Smilde

Binnenkort verschijnt van de hand van Afke Maas-Smilde met medewerking van Dodo van Uden: “Noach en de Grote Vloed” een ontdekkingstocht in een oeroud verhaal naar betekenis voor het hier en nu. Geschikt voor gespreksgroepen. Samengesteld rond de vele vragen die dit verhaal bij mensen in onze tijd oproept en de verschillende antwoorden die de joodse uitleg hierop biedt.

Toelichting

Hieronder toelichtingen op de zondagslezingen voor de komende 4 weken.